Doolhoven, draken & nerds

Mijn schoolvriendje Herman was er al mee bezig: rollenspellen. Dus toen ik in mijn vroege studietijd tijdens een bezoek aan Londen tegen een basisset Dungeons & Dragons aanliep leek me het wel leuk om daar eens in te duiken.

Ik nodigde mijn vrienden Rinus en Rienk uit, die ook wel oren hadden naar zo’n spel en zo begonnen we aan onze eerste ‘campagne’. Ik was de dungeon master, of DM.

Hier moet ik even wat uitleggen. Rollenspellen, role playing games, of RPGs, kwamen in de jaren ’70 op. De deelnemers spelen een of meerdere personages, die elk hun eigen karakteristieken hebben. Die karakteristieken bepalen hoe de personages zich gedragen, maar zijn ook van belang bij allerlei ‘toevallige’ gebeurtenissen. Iemand met grote handigheid heeft een betere kans om iets te repareren dan iemand die nogal onhandig is. De DM is de spelleider, die het verhaal stuurt, de spelers vertelt wat er gebeurt, en soms ook zelf personages speelt. Een verteller met een verhaal waarin anderen hun rol spelen.

Het toeval, in de vorm van dobbelstenen in allerlei soorten en maten, spelen een belangrijke rol. De uitkomst van een gevecht, van een valpartij, van het openen van een kistje, van het überhaupt kúnnen openen van dat kistje… De karakteristieken van de personages in combinatie met een worp van de dobbelstenen bepaalt het resultaat en de gevolgen.

Veel RPGs, waaronder natuurlijk ook Dungeons & Dragons, spelen zich af in fantasy-settings. De personages zijn vechters, tovenaars, priesters, dieven enzovoort. In hun avonturen gaan ze op zoek naar magische voorwerpen en grote schatten die zich op gevaarlijke en mysterieuze plekken bevinden, waarbij ze allerlei monsters en andere opponenten tegenkomen. Met al die avonturen verdienen ze geld en punten, waarmee ze hun arsenaal aan spullen en vaardigheden kunnen uitbreiden.

Het handboek D&D stelt dat een goed avontuur niet alleen maar ‘hack and slash’ is, niet alleen maar zoveel mogelijk monsters verslaan.

Als DM heb ik altijd geprobeerd me daaraan te houden. De avonturen die ik bedacht moesten gaan over iets intelligents. Er moest ook echt een verhaal achter zitten. Met nu en dan natuurlijk wel een monster of andere nare tegenstander.

Ik denk dat ik onze sessies, waar inmiddels ook Hoek en later Maarten bij aanschoven, kan karakteriseren als ‘vrolijke chaos’. We waren niet zo fanatiek, we waren vijf nerds bij elkaar en we hadden heel veel lol. Drank, chips en sigaretten (ja, toen nog wel) waren een wezenlijk onderdeel van de avond.

(Tekst gaat verder onder de foto.)

Parafernalia van de Dungeon Master (genotsmiddelen ontbreken op deze foto)

Desondanks werden de avonturen steeds complexer. Onder andere omdat de DM (ik dus) steeds ingewikkelder verhalen begon te verzinnen, die dan weer ontspoorden omdat de spelers net een andere kant op marcheerden dan ik van tevoren had bedacht of verwacht.

Ik kocht ook een aantal uitbreidingssetjes op wat inmiddels Advanced Dungeons & Dragons was gaan heten. Toen ik laatst het stapeltje weer eens uit kast haalde was ik er zelf een beetje verbaasd over. Blijkbaar waren we toch net iets fanatieker dan ik het me herinnerde.

Eigenlijk waren we natuurlijk wél fanatiek, maar dan op onze manier. Ik heb met Hoek zelfs nog een tijd serieuze plannen gehad om onze eigen variant van AD&D te maken. Daarbij moest de nadruk veel meer gaan liggen op intellectuele eigenschappen van de personages dan op fysieke.

Nerds waren we, maar aardige nerds. Al zeg ik ’t zelf.