Freek (en Kees en Wim)

Mijn vormende jaren, als het gaat om satire en theater, zijn bepaald door Koot & Bie en Freek.

Over Koot & Bie schreef ik vorige week al.

Freek de Jonge was van een heel andere orde. De eerste keer dat ik hem in de zaal zag was bij De tragiek, zijn tweede solovoorstelling. Ik ging erheen met school en ik werd weggeblazen. Wat gebéúrde daar allemaal op dat podium? Mijn broer, vijf jaar jonger, raakte er ook al snel van in de ban. Hij ging voor De mythe (of was het Stroman & Trawanten?) zelfs in de rij liggen voor kaartjes en was heel trots op twee plaatsen in het midden van de tweede rij. Dat was natuurlijk wel een gevaarlijke plek, want Freek kon fysiek aardig los gaan in die tijd. In ons geval bleef het beperkt tot een mondvol rijstsnoepjes die alle kanten op vlogen. Daar kwamen we goed mee weg.

Freek de Jonge zat in mijn kop. Jarenlang konden mijn broer en ik hele stukken van de shows opratelen. Nog niet zo lang geleden stuurde hij me een sms: “Ik ben in Zon & Schild, Amersfoort.” Ik wist meteen welk antwoord daarop paste: “Ik zit in Bos & Duin, Schoorl.” (Voor de liefhebbers: maak het verhaal af en kleur de plaatjes.)

Freek is nog steeds actief. Koot & Bie beginnen inmiddels te vervagen in het collectieve geheugen. Van zowel Koot & Bie als van Freek heb ik misschien niet alles, maar wel heel veel op dvd. Ik kijk vaker Koot & Bie terug dan Freek. Ik zou niet kunnen zeggen wie ik beter vind. Het zijn niet te vergelijken grootheden.

Als ik eerlijk ben: Freek op het podium vind ik nog altijd een genoegen, Freek naast het podium vind ik soms niet te pruimen. Freek is een theatermaker pur sang, hij lijkt soms te vergeten waar of wanneer het podium ophoudt.

Koot & Bie speelden zo goed herkenbare mensen, misschien wel omdat ze zelf ook herkenbare mensen zijn. Daardoor komen ze veel dichterbij.

In 2012 maakte Koen Verbraak een driedelige documentaire over het duo, Van Kooten en De Bie sloegen weer toe! Daarin vertelt Kees van Kooten hoe hij in 1998 instortte. Plotseling werden de typetjes hem te veel. Het was klaar, over, uit. Hij werd er fysiek ziek van en kon alleen nog maar huilen. Heel herkenbaar, moet ik zeggen. Destijds hield het duo dat buiten beeld. Kees had niet zo’n zin meer, was het verhaal, en ging er even tussenuit. Wim ging door. Maar het vuur was uit het duo, en daarmee hield het op.

In dezelfde documentaire vertelt Wim de Bie dat hij nog wel eens in een café komt en daar dan wordt begroet door iemand die zegt: “Meneer De Bie, het is mij een eer en een genoegen.” En daarnaast staat dan een jongen of een meisje die geen idee heeft hoe of wat. “En zo hoort het,” concludeert De Bie zichtbaar tevreden.

Ik weet niet of Freek er mutatis mutandis ook zo over zou denken.