Meisje in de tram

Het meisje zat met haar opa in de tram, zij aan het raam en hij aan het gangpad. Het was 4 mei. Opa had het meisje net uitgelegd dat op die dag, om acht uur, iedereen twee minuten stil was om te denken aan wat er in de oorlog was gebeurd. Opa had de oorlog zelf meegemaakt en vertelde erover.

Het was een zonnige dag. Er waren veel mensen op straat. Toen stopte de tram plotseling, net als mensen en auto’s op straat. Het was acht uur. Maar het meisje zag ook een jongen op een fiets die gewoon doortrapte. Die trok zich niets aan van de twee minuten stilte. Het meisje vond dat maar raar van die jongen, maar ze durfde niets te zeggen.

Toen de stilte weer voorbij was en de tram begon te rijden, vertelde het meisje aan haar opa wat ze had gezien. En dat ze het stom vond van die jongen. Opa moest glimlachen. Hij legde uit dat het heel goed is als je de oorlog herdenkt, maar alleen als je dat in vrijheid kunt doen. Dat je niemand mag en kunt dwingen om twee minuten stil te zijn. En dat die jongen, als hij wat ouder was, wel zou begrijpen hoe belangrijk dat is.

Zo herinner ik het me, een verhaal dat we op de lagere school lazen in de aanloop naar 4 mei. Het maakte indruk. Wat ik me er vooral van herinner is de wijze les van deze opa: herdenken is goed, maar alleen in vrijheid. Zo heb ik me daar altijd naar gedragen. Ik neem de herdenking in acht, en oordeel niet over anderen die dat niet doen (wat natuurlijk iets anders is dan de herdenking verstoren).

Misschien herinner ik me dat verhaal wel helemaal vervormd. Van de tram en de jongen op de fiets ben ik zeker. Van de opa al iets minder, het kan ook een vader geweest zijn — ik las het verhaaltje begin jaren ’70, er waren toen ook genoeg vaders die de oorlog bewust hadden meegemaakt, de mijne incluis. En of het een meisje of een jongetje was in de tram, daar heb ik geen idee meer van. Ik heb er nu maar een meisje van gemaakt, om het contrast met de jongen op de fiets te vergroten. De wijze woorden van opa komen waarschijnlijk uit mijn fantasie, maar ze passen in de strekking van het verhaal. Misschien kan één van mijn lezers met een beter geheugen of meer kennis van zaken er nog een licht op werpen.

Herinneren is steeds lastiger naarmate de tijd verstrijkt. En herdenken is goed, ook als de herinnering vervaagt, als het maar in vrijheid is.